De inhoud van het regeerakkoord Rutte III is bekend. Er ligt een voorstel de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) aan te passen, waardoor mogelijk het ontslagrecht weer in lijn wordt gebracht met de situatie van voor invoering van de WWZ.

De belangrijkste aanpassingen zullen zijn:

1. Kortere periode loondoorbetaling bij ziekte voor kleine ondernemingen

Werkgevers moeten werknemers die arbeidsongeschikt zijn twee jaar lang loon doorbetalen en daarnaast moet de werkgever zorgen voor re-integratie. In de praktijk bleek dit voor kleine ondernemingen een te zware last.

Voor ondernemingen tot 25 werknemers wordt de loondoorbetalingsverplichting verkort naar één jaar.

2. Ontslaggronden uitgebreid

Een werknemer ontslaan is door de invoering van de WWZ lastiger geworden: een ontslaggrond moet door de werkgever onderbouwt en aangetoond worden. Een combinatie van verschillende ontslaggronden is niet mogelijk.

Het wordt weer mogelijk om verschillende gronden en omstandigheden te combineren en de rechter te laten beoordelen of het ontslag gerechtvaardigd is. De rechter heeft dan wel de mogelijkheid om een extra vergoeding aan de werknemer toe te kennen van maximaal de helft van de transitievergoeding bovenop de reeds bestaande transitievergoeding.

3. Transitievergoeding ruimer

De transitievergoeding wordt op twee punten verruimd: ten eerste krijgen werknemers al vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht op transitievergoeding in plaats van na twee jaar. Ten tweede gaat voor elk jaar dienstverband de transitievergoeding een derde maandsalaris bedragen. Opleidingskosten mogen onder bepaalde voorwaarden in mindering gebracht worden op de transitievergoeding.

4. Ketenregeling

De keten van opvolgende tijdelijke contracten wordt verlengd van twee jaar naar drie jaar. Als er langer dan zes maanden tussen twee opvolgende contracten zit, begint de reeks van contracten opnieuw te tellen.

5. Proeftijdbeding

Om te bevorderen dat werkgevers mensen in vaste dienst nemen, worden de mogelijkheden voor een langere proeftijd verruimd. Als een werkgever direct, dus bij het eerste contract, een contract voor onbepaalde tijd aanbiedt, wordt de proeftijd verruimd naar maximaal vijf maanden. Bij contracten langer dan twee jaar wordt de proeftijd maximaal drie maanden. In overige gevallen blijft de proeftijd zoals deze nu is.

Bovenstaande betreft een voorstel: er is nog geen definitieve goedkeuring voor gegeven.

Delen